Het is lang geleden dat ik voor het laatst een blogpost heb geschreven en gepost. Ik merk dat het dan meteen ook moeilijker wordt om weer te beginnen. Want waar schrijf ik over en hoe zorg ik ervoor dat het er een goede tekst uit mijn vingers komt? Opeens besluipen mij weer dezelfde twijfels en onzekerheden als op het prilste begin van mijn schrijven. Maar toch ga ik mij er weer aan wagen. Het is overigens niet zo dat ik afgelopen weken helemaal niks heb geschreven, maar dan alleen voor mezelf in mijn dagboek. Veel mensen vinden mijn teksten ook dagboekmateriaal vanwege de kwetsbaarheid, maar toch deel ik niet alles waarover ik schrijf. Puur omdat sommige stukken ook van mezelf in alle veiligheid bij mij mogen blijven. Soms vind ik die scheiding lastig. Ik deel namelijk juist graag de persoonlijke, kwetsbare stukken waar ik doorheen ga, omdat dit vaak ongezien blijft. Juist in die kwetsbaarheid, zit de menselijkheid en de herkenning en misschien wel een gevoel van erkenning. Ik hoef mij niet te schamen voor mijn gevoelens, gedachten en onzekerheden en jij dus ook niet. Dat is de impliciete boodschap die ik hoop mee te geven. Tegelijkertijd voelen sommige stukken té kwetsbaar en mag ik het eerst bij en voor mezelf houden. Tja, en dan is het een kwestie van voelen wanneer en of ik bereid ben om het te delen.
Zo schreef ik een tijdje geleden een heel stuk tekst vol van emoties in mijn dagboek. Ik liet het Jan lezen, omdat ik eerder die dag niet goed kon verwoorden wat er door mij heen ging, ook al was het voor hem voelbaar dat er van alles speelde. Ik zei toen meteen: “dit is alleen voor jou om te lezen”. Nu ben ik een maand verder en heeft de tekst mij niet losgelaten. Vandaar dat ik besloten heb om er stukken uit te delen.
Een paar weken geleden was ik op een kinderfeestje. Mijn allereerste sinds ik moeder ben geworden. Toen ik daar was, had ik moeite om mij op mijn gemak te voelen. Het was niet dat er alleen maar onbekenden waren, dus ik snapte niet zo goed waarom ik niet kon ontspannen. Het was een vrolijke aangelegenheid, maar ik voelde me niet blij en had daar moeite mee. Sterker nog, ik voelde me vooral sociaal ongemakkelijk en wilde al redelijk snel het liefste naar huis. Ik voelde van binnen van alles, maar kon er geen touw aan vastknopen. Ik schaamde me voor het feit dat ik niet makkelijk kon openen in het contact met de mensen om mij heen en was me daar pijnlijk bewust van. Toen ik eenmaal naar huis liep, voelde ik in eerste instantie vooral frustratie en boosheid. Ik was boos op bepaalde mensen, op de wereld en op mezelf. Echter vanaf het moment dat ik thuis de deuren opendeed en Ted eindelijk in slaap was gevallen na een eventvolle middag, maakte mijn frustratie plaats voor verdriet. Ik was alleen en er was alle ruimte om te zijn met wat er echt speelde. Ik begon groenten te snijden voor het avondeten, liet de tranen over mijn gezicht rollen en belde met mijn zus. Daar waar het voor iedereen een vrolijk kinderfeestje was, raakte het bij mij gevoelige snaren en het diepe bewustzijn van wat er niet (meer) is. Ik keek om mij heen en zag ouders en opa’s of oma’s in de weer met hun (klein)kinderen en ik voelde alleen maar een berg aan verdriet. Ik stond dit mezelf niet toe, want ik vond dat ik juist dankbaar moest zijn voor alles wat er wél is. Dit lukte uiteindelijk niet, want het voelde vooral als een directe confrontatie met nieuwe ervaringen waar mijn moeder geen deel van uit maakt, maar ook wetende dat er nog veel verjaardagen en gebeurtenissen voorbij gaan komen waar ze niet bij zal zijn. Ik heb op dit soort momenten snel het gevoel dat ik me aanstel, dat ik klaag, dat ik moeilijk ben, waardoor ik het verdriet weg stop. Alleen heeft dit altijd een beperkte houdbaarheidsdatum, want mijn gevoelens komen dan in volle kracht tevoorschijn. Het is geen zacht verdriet meer, maar een harde schreeuw om aandacht. Als ik mij kwetsbaar en verdrietig voel, verpantser ik en vind ik contact maken moeilijk. Een heel waardevol en logisch beschermingsmechanisme. Alleen soms dus ook verdomde lastig. Ik voel namelijk zo veel dat ik me afsluit voor anderen, maar dus ook een bepaalde tijd voor mezelf. Vaak is het achteraf gezien een opeenstapeling van “prik”-momenten, waarop ik een moeder en dochter zie winkelen, een oma vol trots met haar kleinkind zie of een warme knuffel/blik zie tussen moeder en dochter. En dan komt het grote verdriet in 1 keer eruit als er te veel gestapeld is en te weinig doorvoelt.
Vaak komt dit ook omdat ik sinds de komst van Tedje veel minder vaak ruimte geef aan mijn gevoelens van verdriet en gemis. Er is namelijk altijd iemand die voorrang heeft. Een lief klein mannetje dat wilt spelen, verkennen, knuffelen en bij mij wilt eten en drinken.
Voor mezelf bleek dit kinderfeestje uiteindelijk een waardevolle uitnodiging voor mijn verdriet. Een reminder om te zijn met wat niet (meer) is. Hoe vaker het mij lukt om hier ruimte voor te maken, hoe meer ik ook volop kan genieten van de feestjes en mooie dingen in het leven. Het mag en zal altijd naast elkaar bestaan. Het een kan niet zonder het ander. Hoe meer ik mijn tranen laat gaan, hoe breder mijn glimlach wordt en andersom.
Liefs,
Judith
Prachtig verwoord judith, volledig te begrijpen! Je openheid en inzicht zijn zo mooi om te lezen en zooooo menselijk. Zo knap dat je dat kan voelen en een plek kan geven. Voelen van je emoties is ok. En alert zijn wat je gedachtes erbij zijn naar kijken. Zonder jezelf te veroordelen . Je doet dat goed. Je bent heel sensitief en dat vraagt ruimte voor je eigen binnenwereld. Goed bezig hoor! Jij en Jan en lieve tedje!
Dankjewel voor het lezen en het plaatsen van deze lieve comment! Voel me door jou erg gezien in mijn teksten 🙂